Stinkende busjes en hoge verwachtingen: 7 romans over het bandleven

Hoe vermoeiend en benauwend het leven on the road kan zijn, weten misschien alleen muzikanten die ooit wekenlang op elkaars lip hebben gezeten. Films als Almost famous en Anvil: The Story of Anvil geven een aardig inkijkje, maar met deze zeven romans benader je heel dicht de echte ervaring van bandbusjes die rieken naar oude sokken, wederzijdse ergernis en bovenal torenhoge verwachtingen. Het boek is beter, hoor je mensen regelmatig zeggen, en in dit geval kan dat zo maar eens waar zijn. Het boek ruikt in ieder geval frisser.

Thema

Verplichte Kost

Tags

Boektips Muziek

Word ILFU Member en kijk al onze programma's online terug

Nu de eerste maand gratis

1. David Mitchell – Utopia Avenue (2020, vertaald door Harm Damsma & Niek Miedema)

In Mitchells jongste roman volgen we de vier leden + de manager van Utopia Avenue, een typische Britse psychedelische rockgroep uit de jaren zestig – met cameo's van Bowie, Zappa, Ginsberg en véél meer. Mitchell wilde met dit grote verhaal voorbij de archetype rock-n-roll roman: de bandleden gaan eerder harmonieus dan disfunctioneel met elkaar om. Een heerlijk boek, vooral als je van sixtiesrock houdt.

2. Jennifer Egan – Bezoek van de knokploeg (2011, vertaald door Ton Heuvelmans)

Opgebouwd als een conceptalbum – inclusief een kant A en een kant B. In dertien verhalen volgen we een grote hoeveelheid aan personages die op de een of andere manier verbonden zijn aan platenproducer Bennie Salazar en zijn assistent Sasha. Bennie was ooit lid van een punkband met de illustere naam Flaming Dildos en weet het te schoppen tot een belangrijke persoon in de Amerikaanse platenindustrie. Bezoek van de knokploeg biedt een zeldzaam inkijkje in het succes en de decadentie van een keiharde muziekwereld, het waarmaken van dromen en minstens zo vaak het stukslaan ervan.

3. Taylor Jenkins Reid – Daisy Jones & the Six (2020, vertaald door Lette Vos)

Wie fan is van Rumours van Fleetwood Mac, zal weten dat het album het product en een document is van een band die kapot ging van onderling liefdesverdriet, bedrog, leed en verwijt. Binnen de band stonden maar liefst twee relaties op het punt te exploderen, en in plaats van uit elkaar te gaan besloten ze hun verdriet in liedjes te stoppen. Het album is een hoogtepunt in de popmuziek van de twintigste eeuw, en Taylor Jenkins Reid zag in de ontstaansgeschiedenis ervan genoeg materiaal voor een goede roman. Want ook in Daisy Jones & the Six volgen we de opkomst en ondergang van een typische jaren zeventig-band met hun eigen liefdesperikelen. Het resultaat is een hartstikke lekker boek – beter geslaagd dan de afgeleide televisieserie, waarin je toch het gevoel krijgt dat je naar een stockfotoversie van de jaren zeventig zit te kijken.

4. Jonathan Franzen – Vrijheid (2011, vertaald door Peter Abelsen)

Vrijheid gaat zoals iedere Franzen-roman over heel veel dingen, maar de verhaallijn van Richard Katz is een feest voor iedere muziekliefhebber. Net als Bennie in Egans Bezoek van de knokploeg zette Katz in de jaren 70-80 zijn eerste stapjes in de muziekindustrie als lid van een punkband – The Traumatics. Hij groeit als muzikant en als persoon, stopt met het project Walnut Surprise meer alt-country-invloeden in zijn muziek. Het album Nameless Lake wordt zelfs genomineerd voor een Grammy en Katz beleeft een korte doorbraak in de mainstream. Alternative rock-helden Jeff Tweedy (Wilco) en Michael Stipe (R.E.M.) praten vol bewondering over een 'vergeten genie'. De ontwikkeling van Richard Katz is er een waarin indie-connaisseurs de carrière van meerdere Amerikaanse alternatieve artiesten zullen herkennen.

5. Nico Dijkshoorn – Bijna op de radio (2022)

Bij deze ultieme polderversie (of misschien wel: slapstickversie) van de rock-n-roll-roman moest ik een aantal keer goed grinniken. In de jaren tachtig vierde de band Tire Pressure in zeer bescheiden kring succes – van buurtcentrum Het Orakel tot café De Kudt in Weesp en een klein tourtje in Duitsland. Ze waren ooit zelfs bijna op de radio. Maar onderlinge spanningen namen toe en dromen raakten gefnuikt, zeker toen bleek dat manager Danny zijn beloftes niet kon waarmaken. Dertig jaar nadat de band met ruzie uit elkaar ging, worden ze door hem gebeld. Een van hun liedjes blijkt in een televisiecommercial te zitten. Of ze weer eens kunnen babbelen?

6. Jeanne Thornton – Summer Fun (2022)

Gala, een jonge trans vrouw werkt in een hostel in New Mexico. Ze is geobsedeerd door de Get Happies, een Californische jaren zestig-band, geleid door de enigmatische B----. Gala's obsessie gaat ver: ze kan niet rusten tot ze weet waarom de band ooit is gestopt, en waarom ze hun mythische album Summer Fun nooit hebben uitgebracht.

Gala schrijft brieven aan B---- die niet alleen licht werpen op de Get Happies, maar ook een bijzonder portret schetsen van Gala zelf. De parallelle verhaallijnen van B---- en Gala vormen een dialoog over creatie: van muziek, identiteit, het zelf, cultuur en tegencultuur.

7. Holly Brickley – Bitterzoet (2025, vertaald door Anna Livestro)

Eens even niet de jaren zestig en zeventig, maar gewoon lekker het begin van deze eeuw. De zeroes. In dit romandebuut van Holly Brickley volgen we de jonge Percy Marks, die aan de bar van een studentencafé een vlammend betoog over muziek houdt. Weliswaar heeft ze zelf geen noemenswaardig muzikaal talent, maar kan liedjes helemaal kapotanalyseren, en songwriter Joe Morrow is een dankbaar publiek voor haar monologen. Als Joe aan Percy vraagt of ze naar een van zijn liedjes wil kijken, betekent dat het begin van een jarenlange samenwerking die het beste en het slechtste in hen naar boven haalt. Joe wordt een bescheiden beroemdheid, maar tegelijkertijd zit Percy in een rol die ze eigenlijk niet leuk vindt. Hoelang ga je door als je ergens heel gepassioneerd over bent én er diepongelukkig van wordt?

Bonus: Kim Gordon – Girl in a band (2015)

Geen roman maar een memoir, deze bonustip – maar zoveel beter, mooier en literairder verteld dan menig rockbiografie dat ik hem per se wil tippen: deze autobiografie van Sonic Youth-bassist / zangeres / componist / feministisch icoon Kim Gordon. Het openingshoofdstuk is al legendarisch: met veel kleur en smaak beschrijft Gordon het modderige backstageterrein van het festival waar Sonic Youth hun allerlaatste show zal spelen. De decennialange relatie tussen haar en frontman Thurston Moore is gestrand: 'The couple everyone believed was golden and normal and eternally intact, who gave younger musicians hope they could outlast a crazy rock-and-roll world was now just another cliché of middle-aged relationship failure—a male midlife crisis, another woman, a double life.' Ik vond Kim Gordon altijd al een geweldige muzikant, en sinds dit boek ook een geweldige schrijver.