Kom je jezelf bij het maken van een documentaireserie op een andere manier tegen dan bij het maken van een boek?
Ja, bij het maken van een tv-serie spelen andere mensen ineens een rol bij bepaalde veranderingen. Uiteindelijk moet er natuurlijk een verhaal gemaakt worden. Als ik op eigen houtje de vragen had moeten stellen die ik in de serie aan mijn ouders voorleg, dan denk ik wel dat het langer had geduurd voordat we op het punt kwamen waar de serie eindigt. Ik denk dat als je zelf vastzit in een dynamiek, de afstand soms gewoon te klein is. Terwijl een buitenstaander kan zeggen: ‘Ik ben nu twee dagen met jullie en ik merk deze dingen op, is dit normaal voor jullie verstandhouding, en is het iets waar jullie aan zouden willen werken?’ Soms was het voor het verhaal nodig dat Kim Smeekes, de regisseur, een vraag of een onderwerp opbracht zodat men niet alleen kijkt naar drie zwijgende mensen waarbij er niks gebeurt.
Als je naast je eigen 'drietrapsraket' nog een kinderboek, volwassenenboek en documentaire mag aanraden, welke kies je dan?
Als kinderboek zou ik Waar is mijn noedelsoep?!? aanraden, van Chee-Han en Reza Kartosen-Wong. Zij zijn schrijvers van kinderliteratuur waarin echt alle culturen langskomen. De hoofdpersoon in Waar is mijn noedelsoep?!? is een jongetje dat gebaseerd is op het kind van de schrijvers, een Aziatisch jongetje. Ik heb het boek zelf aan mijn nichtje gegeven. Ik geef Elodie, die half Chinees, half Nederlands is, graag boeken mee waarin het gaat over een soort van derde cultuur, die van de migrant, waarbij de cultuur niet per se het een of het ander is. En dat het dan een soort van herkenning geeft. Ik denk: als je niet weet dat je het niet hebt, dan mis je het niet. Maar als het er wel is, besef je ineens dat het toch fijn is om een soort spiegel te hebben waarin je jezelf kan herkennen. Waar is mijn noedelsoep?!? doet dat, en is daarbij ook gewoon een hele vrolijke vertelling waarbij de les er niet te dik bovenop ligt. Ik zeg in mijn eigen kinderboek natuurlijk ook niet: ‘Dit is een bijdrage aan eerlijke representatie van een minderheid’. De boodschap is gewoon: dit bestaat, en dat kan je lezen zoals je wilt.
En ik weet niet of dit telt, maar ik bezig met The Disappearers van Marlon James. Die is pas net uit. Ik heb van veel mensen gehoord dat het geweldig is en ik hou wel echt van de droge stijl in het boek. Het gaat over homofobie op Jamaica in de jaren 80, een verhaal over acht mannen in de vorm van een mozaïekvertelling. Ik lees eigenlijk niet heel veel literatuur over queer geschiedenis, maar werd toch wel nieuwsgierig. En dan trok The Disappearers me omdat het ook nog eens op een heel vermakelijke manier is geschreven. Ik heb ook wel boeken als Shuggie Bain in de kast staan, maar dat is dan heel zwaar of zo.
En een docu… Ken je die documentaire over twee vulcanologen met voice-over van Miranda July, Fire of Love? Het is een soort historische documentairefilm die op een hele lieve manier door Miranda is ingesproken. Twee vulcanologen worden verliefd op elkaar – het is compleet anders dan mijn eigen serie die eraan komt, maar het is gewoon een hele fijne film, en zeker de moeite waard.