Paradijs of doolhof: 8 boekentips vol tuinen

Nu we langzaam weer uit onze winterholletjes kruipen en de eerste zonnestralen voorzichtig tegemoet treden, is de lente officieel begonnen, en dat moet gevierd worden. Terwijl krokussen en narcissen hun koppen boven de grond steken, tippen wij boeken vol overwoekerende, wilde, paradijselijke en soms zelfs angstaanjagende tuinen.

Thema

Verplichte Kost

Word ILFU Member en kijk al onze programma's online terug

Nu de eerste maand gratis

1. Uschi Cop - Dodeman (2026)

Te beginnen met het nieuwste boek uit dit lijstje. In Dodeman brengt Cop thema’s samen als femicide, activisme en familie. In dit sprookjesachtige verhaal speelt een plantentuin een van de hoofdrollen. Wanneer de hoofdpersoon Ise na een telefoontje van haar tweelingzus terugkeert naar haar ouderlijk huis, dringt niet alleen dat huis, maar ook de tuin zich aan haar op: ‘De weelde was overdonderend. Hier en daar groeide een plukje lang gras, en overal waar ze keek was de grond begroeid met planten: hoge vlinderstruiken en camelia’s, rododendrons en hibiscus.’ Maar naast de talloze schadeloze planten en bloemen, woekert er in deze plantentuin ook genoeg giftig groen. En dat is niet zonder reden.

2. Nicolien Mizee - Moord op de moestuin (2019)

Vier mensen in één klein huisje, de hele zomer lang – dat kan alleen maar misgaan. Judith is nog maar net getrouwd met Thijs als hij een hartaanval krijgt. Wanneer hij thuiskomt uit het ziekenhuis, blijken de buren ook nog eens groots te gaan verbouwen: van uitrusten komt zo niets terecht. Schoonzus Cora en zwager Ab bieden uitkomst en nodigen Judith en Thijs uit om de zomer door te brengen in een boswachterswoning op een uitgestrekt landgoed.


Op het landgoed ligt een tuinderscomplex, waar Judith een moestuin onderhoudt. Daar stuit ze op een dag op een schedel, en daarmee gaat het moordmysterie van start. Omdat de lokale politie er volgens haar maar een potje van maakt, besluit Judith zelf op onderzoek uit te gaan. Ze ondervraagt één voor één alle volkstuinders; gesprekken die voortdurend uitmonden in discussies over potgrond, vogels en tuiniertips. Welke van de negen eigenaardige tuinders is in staat om een moord te plegen?

3. Derek Jarman - Moderne natuur: Aantekeningen uit een tuin aan de rand van het bestaan (2024, vertaald door Henny Corver en Nico Groen)

Net voor zijn hiv diagnose koopt kunstenaar, filmmaker en herborist Derek Jarman (1942-1994) een klein houten huisje aan de kust van Kent, begrensd door een tuin, die op zijn beurt begrensd was door niets anders. ‘Er zijn geen muren en geen schuttingen,’ schrijft hij in zijn dagboek dat jaar. ‘De grens van mijn tuin is de horizon.’ Na zijn diagnose raakt zijn leven en naderende dood vervlochten met die wilde tuin. Dat lees je in Moderne Natuur dat in 2024 prachtig werd uitgegeven door uitgeverij Das Mag. ‘Voordat mijn einde daar is, ben ik van plan me in ons hoekje van het paradijs uit te leven, dat deel van de tuin dat de Here vergat te noemen.’ Voor hem lag dat hoekje in en rondom zijn Prospect Cottage op een Engelse landtong.

4. Olivia Laing - The Garden Against Time: In search of a common paradise (2024)

Van Jarman direct door naar Olivia Laing, voor wie hij een enorm voorbeeld was. Laing schrijft in het voorwoord van Moderne Natuur het volgende: ‘Uit dat boek heb ik geleerd wat het betekent om kunstenaar te zijn, politiek bewust te zijn, en natuurlijk hoe je een tuin moet aanleggen (speels, koppig, wars van begrenzingen, vrijuit samenwerkend). Laing verlangde zelf al een leven lang naar een eigen tuin. In The Garden Against Time zien we die wens in vervulling gaan. In 2020 koopt hen samen met hun man een huis met een ommuurde tuin in Suffolk, een overwoekerd paradijs vol bijzondere planten. Aan de hand van hun eigen verlangen naar een paradijs en bekende tuinen uit de geschiedenis en verhalen onderzoekt hen de relatie tussen de tuin en ‘het paradijselijke’ en bevraagt hen de prijs die te vaak betaald wordt om dat paradijs op aarde mogelijk te maken.

5. Renée van Marissing - Ontkiemende liefde (2024)

Ontkiemende liefde maakt deel uit van de Velvet-Pulpature reeks van Velvet Publisher, een hedendaagse knipoog naar pulpliteratuur. Na een verbroken liefdesrelatie, een waarvan hoofdpersonage Sanne denkt nooit meer te herstellen, stort ze zich onvermoeibaar op een nieuwe hobby: tuinieren. In het tuincentrum ontmoet ze Luus, die haar langzaam maar zeker teruglokt naar het land der liefde. De tuin groeit uit tot een speelveld van verlangen en erotiek. Wroeten in de aarde, ontluikende bloemen en een klamme broeikas, wat is er verleidelijker dan dat?

6. Nina Polak - Buitenleven (2023)

In Buitenleven vertrekken twee geliefden vrij impulsief uit de oververhitte stad naar een dorp in het hoge noorden. Ze vinden er iets wat in de randstad zo goed als onmogelijk is geworden: een huis met een tuin. Misschien brengt het ze wel nieuwe energie, rust, bezinning. ‘Vrede, hadden ze meteen in die tuin gezien, mogelijkheden.’ En ja, het oude huis met de diepe tuin was ook gewoon ongekend goedkoop. Toch blijkt de stilte van de tuin toch anders dan ze zich hadden voorgesteld.

7. Paul Biegel - De tuinen van Dorr (1969)

Prinses Mijnewel en tuinman Jouweniet zijn hopeloos verliefd op elkaar, maar hun liefde wordt gedwarsboomd door de boze heks Sirdis. Ze vervloekt Jouweniet en verandert hem in een bijzondere bloem. Alleen als Mijnewel de zaadkorrel uit die bloem plant in de tuinen van de grauwe stad Dorr, komt hij weer bij haar terug. Ze begint aan een lange tocht om haar geliefde te redden. Een schitterende klassieker en een betoverend sprookje.

8. Mariken Heitman - De mierenkaravaan (2024)

In De mierenkaravaan is de tuin niet alleen het decor, maar ook de verteller. In poëtisch proza laat Heitman de tuin spreken: ‘De rust is verstoord. Onomkeerbaar lente. Kakofonie, chaotische tegelijkertijd. Grote woorden, ik zal het tonen.’ We volgen de veertigjarige Kiek, die een biologische tuinderij runt. Samen met vrijwilligers kweekt ze groenten en gewassen en bewaakt ze het ecologisch evenwicht. Gedurende vier seizoenen leer je Kiek, de mensen op de tuin én de tuin zelf kennen, en wordt duidelijk dat de tuin uiteindelijk de touwtjes in handen heeft. Is Kiek wel opgewassen tegen alles wat de tuin van haar vraagt, nu bij haar een chronische ziekte is vastgesteld?