Het derde duel: 6 Tunesische boekentips voor de vroege ochtend

Vanochtend vroeg 🥱, héél vroeg speelde het Nederlands elftal tegen Tunesië – net als de wedstrijden tegen Japan en Zweden reden voor ons om enkele literaire tips te geven uit het land van de tegenstander. Dat is in het geval van Tunesië aanzienlijk moeilijker; er werden tot nu toe werkelijk belachelijk weinig titels naar het Nederlands vertaald. Elk voordeel heb z’n nadeel, zullen we in voetbaltermen maar zeggen: vanwege de schaarste tippen we vandaag niet enkel romans, maar ook poëzie en essays van verschillende generaties Tunesische auteurs.

Tags

Leestips

ILFU Members kunnen het festival terugkijken op onze streamingdienst ILFU+

bekijk de video's

Lamia Makaddam – Je zult me vinden in elk woord dat ik schrijf (poëzie, 2020, vertaald door Abdelkader Benali)

De poëzie van Lamia Makaddam is de uitkomst van strijd. Rauwe beelden worden opgevolgd door erupties van tederheid, een bezweringsdans waarin geliefde, minnaars en partners worden vastgehouden, losgelaten en ten grave gedragen. Niemand is onschuldig in de liefde. De Nederlandse dichter Lamia Makaddam is afkomstig uit Tunesië, waar ze studeerde Arabische taal en letterkunde studeerde. Ze publiceerde drie dichtbundels in het Arabisch en won in 2000 de El Hizjra literatuurprijs. Naast dichter is ze journalist en vertaler. Zo vertaalde ze onder andere Jij zegt het van Connie Palmen en Malva van Hagar Peeters.

Yamen Manai – The Ardent Swarm (roman, 2017, vertaald door Lara Vergnaud)

The Ardent Swarm is een aangrijpende allegorie voor een land in de nasleep van revolutie. Sidi leidt een teruggetrokken bestaan als bijenfluisteraar aan de rand van het troosteloze Noord-Afrikaanse dorp Nawa. Op een dag treft hij een van zijn bijenkorven compleet vernield aan – alle bijenbewoners blijken dood. De daders, zo ontdekt Sidi, zijn agressieve, massamoordende hoornaars. Waar de dieren zo plotseling vandaan komen blijft echter een raadsel, en om het op te lossen zal Sidi buiten de vertrouwde grenzen van zijn dorp moeten treden.

Mehdi Belhaj Kacem – God, techniek en alwetendheid (essay, 2026, vertaald door Piet Lemmens)

In dit recente essay beschrijft filosoof Mehdi Belhaj Kacem over de rol van technologie in ons leven en in onze maatschappij, met een scherpte en radicaliteit die hem in Frankrijk al tot cultfilosoof maakte. Een onderscheidend werk waarin hij de erfenis van Derrida en Badiou weet te verbinden met de urgentie van het heden – en dat werd vergeleken met Byung-Chul Han en Markus Gabriel.

Shukri Mabkhout - The Italian (roman, 2021, vertaald door Miled Faiza en Karen McNeil)

The Italian is misschien wel een van de belangrijkste Tunesische romans van onze tijd. Het is in ieder geval niet voor niks dat dit boek in 2015, dus nog voordat het naar het Engels was vertaald, de International Prize for Arabic Fiction won. In het Tunesië van de late 20ste eeuw – een periode van grote politieke, sociale en maatschappelijke spanningen en veranderingen – ontvouwt zich het verhaal van een revolutionaire liefde die gedoemd is te stranden op de harde werkelijkheid van een land waar repressie, corruptie, machtsmisbruik de ambities en dromen van het individu verpletteren.

Mahmoud Messadi – De geboorte van het vergeten (roman, 1995, Marcelle van de Pol)

De meermaals bekroonde auteur Mahmoud Messadi was minister van Onderwijs en Cultuur en richtte twee literaire tijdschriften op. In De geboorte van het vergeten kan arts Madyan de dood van zijn geliefde niet accepteren, en daarom wil hij een medicijn maken dat de dood vernietigt en de mens onsterfelijk maakt. Met hulp van de tovenares Randjahad wil hij toegelaten worden in de wereld van het vergeten en de onsterfelijkheid.

Albert Memmi – Portret van de kolonisator & Portret van de gekoloniseerde (essay, 2026, vertaald door Esha Guy Hadjadj)

In dit klassieke werk over kolonialisme ontleedt Albert Memmi de materiële drijfveren en de psychologische effecten van kolonisatie. Hij analyseert hoe het koloniale systeem twee tragische figuren met een gedeeld lot creëert: de kolonisator en de gekoloniseerde. Aanvankelijk schreef Memmi de portretten van deze figuren om zijn eigen situatie als gekoloniseerde Tunesiër beter te begrijpen, maar uiteindelijk moest hij een bredere conclusie trekken: de enige manier om de dodendans tussen de kolonisator en de gekoloniseerde een halt toe te roepen was nationale onafhankelijkheid.