Juan Rulfo (1918-1986) groeide op in de nadagen van de Mexicaanse revolutie en maakte volgens velen de weg vrij voor nieuwe stemmen in de Latijns-Amerikaanse literatuur. Pedro Páramo vertelt het verhaal van de gelijknamige grootgrondbezitter en dorpstiran van Comala. Pedro Páramo heeft orde gebracht in zijn dorp, maar de rust die er heerst is die van het kerkhof. De doden zetten hun conversatie voort in hun graven en vertellen, fluisterend en zuchtend, over zijn wandaden. De grenzen tussen leven en dood zijn vervaagd: de doden spreken alsof ze nog leven, en van de levenden weet je niet zeker of ze niet eigenlijk al dood zijn. Gabriel García Márquez, die het voorwoord verzorgde voor deze roman, kon het hele boek foutloos opdreunen.