10 romans die in (ongeveer) een maand zijn geschreven

We zijn al weer op Dag 2 van de Nationale Schrijfmaand – de schrijfchallenge die ILFU in het leven riep om deze maand zoveel mogelijk Nederlanders te motiveren om nu eindelijk eens aan dat boek te beginnen. Of ze hem allemaal binnen een maand ook voltooid krijgen is natuurlijk de vraag, hoewel het in de wereldliteratuur ook weer niet helemaal een unicum zou zijn. Hier zijn tien topromans die de auteurs (ongeveer) binnen een maand schreven.

Thema

Verplichte Kost

Tags

Nationale schrijfmaand Leestips Boektips

ILFU Members kunnen het festival terugkijken op onze streamingdienst ILFU+

bekijk de video's

1. Bert Natter – Remington

In slechts 21 dagen kreeg Libriswinnaar Bert Natter dit verhaal op papier. Hierin keert een oude gevierde dichter naar zijn geboortestad Hamburg om zijn laatste bundel te schrijven. Hij belt zijn zoon, een kunstenaar, met de vraag of die hem wil komen halen. De zoon gaat naar Hamburg, zich niet realiserend dat het de laatste reis wordt die zijn vader ooit zal maken. Onderweg gebeuren er wonderlijke en juist heel gewone dingen, tot de weerloze, oude dichter op de Afsluitdijk een daad stelt waarmee hij zijn zoon in verbijstering achterlaat.

2. Rainbow Rowell – Fangirl

Rowell had al twee boeken geschreven toen ze meedeed aan NaNoWriMo, een inmiddels ter ziele gegane Amerikaanse voorloper van de Nationale Schrijfmaand. De auteur was sceptisch, vreesde dat de 50.000 woorden die ze aan het eind van die maand geproduceerd zou hebben een grote ‘pile of mess’ zouden worden. Achteraf beschouwt ze haar deelname aan de schrijfmarathon echter als een van de dapperste dingen die ze ooit heeft gedaan. Het leverde haar een bestseller op. In Fangirl volgen we Cath, die fan is van Simon Snow – maar zo zijn er wel meer. Het enige verschil is dat een Simon Snow-fan zijn voor Cath net zo veel betekent als kunnen ademen voor de rest van de mensheid…

3. Jack Kerouac – On the road

Drie manische weken – meer had Kerouac niet nodig om zeven jaar aan avontuur op een rol papier te rammen die in totaal langer dan 36 meter werd. On the road werd een internationale bestseller en groeide uit tot de bijbel van de beat-beweging. De roman vertelt het verhaal van Sal Paradise en zijn aan alcohol, seks, drugs en muziek verslaafde vriend Dean Moriarty, die liftend of in gestolen auto's kriskras door de Verenigde Staten reizen. Hun levenswijze is anti-intellectueel, zonder binding en zonder moraal en ze zetten zich af tegen de gevestigde normen en waarden: ze kiezen voor een ongeremd en onaangepast bestaan.

4. Hella S. Haasse – Oeroeg

'Oeroeg was mijn vriend.'  Zo begint het aangrijpende verhaal van de vriendschap tussen een Indonesische jongen en de zoon van een Nederlandse administrateur in het Nederlands-Indië van voor de Tweede Wereldoorlog. Deze klassieker werd in slechts een paar weken geschreven. Haasse werd benaderd om mee te doen aan een schrijfwedstrijd voor het Boekenweekgeschenk van 1948 en leverde in snel tempo anoniem haar manuscript in. Toen ze eenmaal won, vestigde ze hiermee direct haar naam.

5. Fjodor Dostojevski – De gokker

De Russische auteur zat diep in de schulden toen hij De gokker schreef, zijn semi-autobiografische novelle. Hij deed er slechts zesentwintig dagen over – waarschijnlijk probeerde hij om zo snel mogelijk weer aan geld te komen. In het verhaal gokt de jonge privéleraar Aleksej Ivanovitsj aan de roulettetafel in een uur tijd een vermogen bij elkaar, gedreven door zijn obsessie voor de even lieftallige als armlastige Polina. Maar in de loop van de tijd wint de zucht naar geld het van zijn liefde. De breuk met Polina is het begin van de onstuitbare ondergang van Aleksej, die niets meer te verliezen heeft – en te winnen des te meer.

6. Paulo Coelho – De alchemist

We hebben een winnaar: Coelho schreef De alchemist in slechts twee weken! In het boek heeft de jonge schaapherder Santiago één grote wens: de wereld bereizen tot in alle uithoeken om zo uit te vinden hoe deze in elkaar zit. Zijn dromen over een verborgen schat zetten hem aan tot een zoektocht. Na veel omzwervingen ontmoet hij in Egypte de wijze alchemist, die de jongen adviseert: ‘Luister naar je hart. Dat kent alles, omdat het afkomstig is van de ziel van de wereld en daar ooit naar zal terugkeren [...] Waar je hart is, is ook je schat.’


7. Renate Dorrestein – Een hart van steen

Of het echt een maand was, is niet zeker, maar feit blijft dat Dorrestein altijd in een zeer hoog tempo schreef. Een hart van steen was daarin geen uitzondering. Getriggerd door een krantenkop over een gezinsdrama, voelde ze een intense, haastige noodzaak om dit psychologische mysterie op papier te zetten en binnen een jaar nog te publiceren. We volgen Ellen, die als twaalfjarige de enige uit het saamhorige gezin Van Bemmel is die de komst van een nieuw zusje met grote ongerustheid tegemoetziet. Want stel dat de banvloek die ze heeft uitgesproken werkelijkheid wordt? Vijfentwintig jaar later keert Ellen, als enige nog levende Van Bemmel, terug naar haar ouderlijk huis. Vol angst bivakkeert ze in de lege kamers, die bevolkt worden door schimmen.

8. Muriel Spark – De beste jaren van juffrouw Brodie

Spark schreef deze klassieke satirische korte roman in vier weken in 1961. Zoals de titel al verklapt, zijn de jaren die de eigenzinnige Jean Brodie als schooljuf op een meisjesschool doorbrengt onmiskenbaar haar beste jaren. Ze is hartstochtelijk toegewijd aan haar onorthodoxe onderwijsmethoden en – het belangrijkste – aan ‘haar meisjes’. Juffrouw Brodie brengt haar uitverkoren zes leerlingen niet alleen traditionele schoolkennis bij, maar onderricht hen vooral in wereldse zaken als liefde, kunst en politiek. ‘Zekerheid staat niet op de eerste plaats’, deelt ze mede, ‘Goedheid, Waarheid en Schoonheid staan voorop. Volg mij.’ En dat doen ze – totdat een van hen haar verraadt.

9. Multatuli – Max Havelaar

Op 4 januari 1856 werd Eduard Douwes Dekker benoemd tot assistent-resident van Lebak. Precies drie maanden later volgde zijn ontslag. De kwestie-Lebak was geboren. In 1859 zou Douwes Dekker op een Brusselse zolderkamer, in nauwelijks een maand tijd, over deze affaire de roman Max Havelaar schrijven. Dit onder het pseudoniem Multatuli verschenen werk bleek een genadeloze afrekening te zijn met zijn superieuren, en schetste bovendien een weinig verheffend beeld van de Nederlandse bemoeienis met het rijk van Insulinde. De titelheld van Max Havelaar is een bevlogen man, een idealist die voortdurend in conflict komt met zijn omgeving. Als Indisch ambtenaar doet hij een aanval op het koloniale systeem, eenmaal terug in Nederland zoekt hij de confrontatie met de profiteurs van dat systeem, belichaamd in de koffiemakelaar Droogstoppel. Het decor is historie geworden, maar Havelaars strijd voor gerechtigheid is nog steeds actueel.


10. William Faulkner – Terwijl ik al heenging

Oké, oké, Faulkner deed zes weken over deze southern gothic-klassieker, maar er zit wel een mooi verhaal aan vast. De auteur had een baantje als nachtwaker op de elektriciteitscentrale van de Universiteit van Mississippi. En wat doe je als je iedere nacht van twaalf tot vier uur 's ochtends niks te doen hebt terwijl de dynamo's rustig doordraaien? Juist: schrijven. Faulkner draaide een kruiwagen ondersteboven in de kolenbunker om als geïmproviseerd bureau te gebruiken, en schreef iedere nacht door, tot de roman af was.